Geld
Werkkapitaal: het geld dat vastzit in voorraad en debiteuren
Werkkapitaal is het geld dat je bedrijf nodig heeft om de dagelijkse gang van zaken te betalen terwijl je wacht op je klanten. Wie het in dagen meet, ziet hoeveel geld er vastzit in voorraad en debiteuren en hoeveel er vrijkomt als je die dagen verkort.
Het gaat goed. De orders stromen binnen, je neemt iemand aan, je koopt extra voorraad in. En toch staat je rekening aan het eind van het kwartaal lager dan ooit. Het geld is niet weg. Het zit ergens anders: op de plank in je magazijn en bij klanten die nog moeten betalen.
Dat heet werkkapitaal. Volgens KVK is het het geld dat een bedrijf nodig heeft om de dagelijkse verplichtingen te betalen, zoals rekeningen, salarissen en voorraad, terwijl het wacht op betalingen van klanten. Het is iets anders dan geld voor een machine of een bus: dat zijn investeringen voor de lange termijn.
Zo reken je het uit
De boekhoudkundige formule is eenvoudig. Je telt op wat snel geld wordt (voorraad, debiteuren en liquide middelen) en trekt eraf wat je op korte termijn moet betalen (crediteuren en een rood staande rekening). Het verschil is je werkkapitaal.
Bruikbaarder is het om in dagen te denken:
- Debiteurendagen: hoeveel dagen omzet staan er gemiddeld open bij klanten.
- Voorraaddagen: hoeveel dagen inkoop liggen er gemiddeld op voorraad.
- Crediteurendagen: hoeveel dagen inkoop heb jij nog niet betaald aan leveranciers.
Debiteurendagen plus voorraaddagen min crediteurendagen is het aantal dagen dat jij het werk van je klant voorfinanciert.
Een rekenvoorbeeld
Neem een groothandel met 3 miljoen euro omzet en 2 miljoen euro inkoop per jaar. Per dag is dat ruim 8.200 euro omzet en bijna 5.500 euro inkoop.
- Klanten betalen gemiddeld na 50 dagen. Dan staat er zo'n 411.000 euro open.
- De voorraad dekt gemiddeld 60 dagen inkoop. Dat is ongeveer 329.000 euro.
- Leveranciers krijgen hun geld na 30 dagen. Dat is 164.000 euro die jij nog even vasthoudt.
Samen zit er dus ongeveer 576.000 euro vast in de gewone gang van zaken. Dat geld staat niet op de bank, terwijl het bedrijf winst maakt.
Dat werkt ook in je voordeel. Betalen klanten tien dagen sneller, dan komt er circa 82.000 euro vrij. Tien dagen minder voorraad levert nog eens ongeveer 55.000 euro op. Geen bank nodig, alleen een kortere keten.
Andersom kost groei werkkapitaal. Groeit de omzet met 20 procent en blijven de dagen gelijk, dan groeit ook het vastgezette geld met ongeveer 20 procent, in dit voorbeeld met zo'n 115.000 euro. Dat geld moet ergens vandaan komen voordat de extra winst binnen is.
Winst zie je op papier. Werkkapitaal voel je op je rekening.
Waar het geld vastzit
Debiteuren. Het is geen randverschijnsel. In het onderzoek van Atradius stond in 2025 in West-Europa 47 procent van de zakelijke facturen over de vervaldatum heen open. Elke dag die een klant later betaalt, schuift je debiteurendagen op.
Voorraad. Voorraad geeft zekerheid, maar te veel ervan is geld dat stilligt. KVK noemt een paar concrete knoppen: minder op voorraad houden, met leveranciers werken op consignatie zodat je pas betaalt na verkoop, en jaarlijks oude voorraad verkopen voor snel geld.
Crediteuren. Hier ligt de enige post die werkkapitaal vrijmaakt in plaats van vasthoudt. KVK adviseert op tijd te betalen, maar niet eerder. Een leverancier die je drie weken te vroeg betaalt, heeft jouw kas drie weken geleend.
Verkorten voordat je leent
Een kortere betaaltermijn voor nieuwe klanten, factureren per fase en een aanbetaling bij grote orders zijn knoppen die je zelf in handen hebt. Ze kosten je geen rente, alleen een paar duidelijke afspraken.
Pas als je de dagen zo kort mogelijk hebt gemaakt, kijk je naar financiering. Voor werkkapitaal past een flexibele vorm het best, zoals een rekening-courantkrediet. Daarbij mag je tot een afgesproken limiet rood staan en betaal je alleen rente over wat je gebruikt, legt KVK uit. Een voorbeeld van KVK: bij een limiet van 10.000 euro waarvan je 2.000 euro opneemt, betaal je rente over die 2.000 euro.
Een lening voor vijf jaar om een tekort in werkkapitaal te dichten, is meestal een teken dat de keten te lang is. Laat bij twijfel je adviseur meekijken.
Zo begin je deze week
- Reken je debiteurendagen, voorraaddagen en crediteurendagen uit over het afgelopen kwartaal. Je boekhouding heeft de cijfers.
- Kies de post met de meeste dagen en spreek één maatregel af: een kortere betaaltermijn voor nieuwe klanten, een kleinere bestelling, of een opruimactie.
- Reken uit wat tien dagen minder op die post oplevert in euro's, en schrijf dat bedrag op als doel.
In Aivio
In Geld zie je je kas per week, 13, 26 of 52 weken vooruit, en welke posten het saldo onder je drempel laten zakken.
Tips
- Reken je werkkapitaal in dagen, niet alleen in euro's. Debiteurendagen, voorraaddagen en crediteurendagen laten zien waar het geld blijft hangen. Eén dag korter is direct een bedrag dat je kunt uitrekenen.
- Ruim één keer per jaar je incourante voorraad op. Wat al een jaar niet beweegt, is geld op een plank. Verkoop het, ook met korting, en zet het geld terug in je kas.
- Betaal leveranciers op tijd, niet eerder. Vroeg betalen voelt netjes, maar het geld is dan weg terwijl je klanten nog niet hebben betaald. Houd de afgesproken termijn aan.
Bronnen
Meer over geld
-
Geld
Betaaltermijnen tussen bedrijven: wat de wet zegt in 2026
Tussen bedrijven geldt zonder afspraak een betaaltermijn van 30 dagen, en een afgesproken termijn mag in de regel niet langer zijn dan 60 dagen. Betaalt een groot bedrijf een mkb-bedrijf, dan is 30 dagen het maximum. Na de termijn heb je recht op wettelijke handelsrente en minstens 40 euro incassokosten.
-
Geld
Brutomarge per product of dienst: zie waar je echt aan verdient
De brutomarge is je omzet min de directe kosten, als percentage van de omzet. Wie die marge per product of dienst uitrekent in plaats van voor het hele bedrijf, ziet welke lijnen het geld verdienen en welke er stilletjes op teren.
-
Geld
Btw en je kasstroom: zo plan je je afdrachten
Btw die je ontvangt is niet van jou, en bij het factuurstelsel ben je de btw al verschuldigd voordat je klant heeft betaald. Zet je de afdrachtdata van 2026 in je kasprognose en houd je de btw direct apart, dan word je niet verrast door een grote betaling aan het eind van de maand na het kwartaal.